Hallo ORKers,

Zo… even een tandje erbij, althans voor mij en Ludolph. Bij de toetsing van de regionale keringen hanteren we een set veiligheidsfactoren. Dit is natuurlijk altijd al een erg sexy onderwerp geweest waar we graag en lang over willen praten, maar er zit ondertussen wel een dilemma.

Het dilemma komt er in het kort op neer dat we een goed werkende toetsmethode hebben, met een ‘organisch’ gegroeide set partiële veiligheidsfactoren. Bij elke aanpassing wordt het steeds moeilijker uitlegbaar hoe de set veiligheidsfactoren nu tot stand is gekomen. Dit komt omdat we veelal de ontwikkeling bij de primaire keringen gevolgd hebben, vaak met een invulling passend bij het karakter van de regionale keringen. Als voorbeeld: in 2007 (Addendum TRWG) zijn de materiaalfactoren bij primaire keringen aangepast, voor stabiliteit binnenwaarts. Uit een verkenning bleek echter dat het direct overnemen van de primaire materiaalfactoren een sterk nadelige impact voor regionale keringen zou betekenen, met name voor boezemkaden. Daarom is destijds voor de regionale keringen een eigen set materiaalfactoren afgeleid, waarbij meteen een schematiseringsfactor is geïntroduceerd. De introductie van de schematiseringsfactor is niet integraal doorgevoerd voor alle faalmechanismen, waardoor op dit moment alleen voor stabiliteit de onzekerheid in de schematisering expliciet wordt meegenomen in de set veiligheidsfactoren.

Maar ook in 2015 toen een definitieve versie van de Leidraad voor het toetsen van de regionale keringen verscheen, speelden allerlei ontwikkelingen bij primair waar ze over gingen stappen naar de overstromingskansbenadering. Vanwege deze lopende ontwikkeling is toen besloten om voor regionaal niet te veel tijd te steken in de veiligheidsfactoren. Echter de vragen over aanpassing op nieuwe ontwikkelingen en het vaststellen van nog ontbrekende veiligheidsfactoren bleven bestaan. Wie hier meer over wil weten: in bijlage 1 van de toetsleidraad is een interessant stuk over dit onderwerp te vinden. Dit stuk is van de hand van Ed Calle die dit net voor zijn pensionering heeft opgesteld.

Maar we zien nu ook een kans om het dilemma te doorbreken omdat we op dit moment grondig beschouwen of de huidige veiligheidsbenadering aangepast moet worden. Hierdoor ontstaat de mogelijkheid om ook een nieuwe basis te maken voor de veiligheidsfactoren, met misschien wel een open faalkansbegroting (wat ook binnen de overschrijdingskansbenadering trouwens gewoon mogelijk is).

Veel groeten en werkze

Robin

PS Omdat Ludolph en ik nu zo lekker in dit onderwerp zitten, nog een kleine nabrander. Voor boezemkaden is indertijd een gemiddelde materiaalfactor gehanteerd, daarbij is verondersteld dat het aandeel van klei en veen in de kering gelijk is. Daarnaast is verondersteld dat de verhouding tussen de bijdrage van c’ en ϕ’ aan de schuifweerstand 1:2 is. Mocht iemand toevallig een kade hebben waarin dit significant anders is, is Ludolph graag bereid je verder te helpen, om met maatwerk een specifieke beta onafhankelijke materiaalfactor af te leiden vanuit een lokale gamma – beta relatie.